Als geboren en getogen Antwerpenaar stapte ik deze week naar de boekhandel om het boek van Patrick Janssens over ’t Stad te kopen. Een must, zeker als je politiek ook nieuwsgierig bent. Aangenaam verrast maar ook enigszins verbaasd, was mijn conclusie na een avondje lezen en bladeren.
Patrick Janssens maakt schitterend promotie voor Antwerpen, en dat alleen al verdient een pluim. De horeca, het uitgaansleven, de cultuurscène en alle sportverenigingen komen ruimschoots aan hun trekken en worden vakkundig én met veel beeldmateriaal in de kijker gezet. De genomineerden mogen blij zijn met de gratis publiciteit en zullen ongetwijfeld mee de promotie van het boek verzorgen. Twee vliegen in één klap. Minder zou je niet van een marketingman met talent verwachten. Veel leuke anekdotes uit het leven van Patrick Janssens. De beruchte interventie in de gemeenteraad in 2003 ‘is het luiheid, domheid of erger’ vind je echter niet terug. Deze meesterlijk uitgekiende opzegbrief voor zijn partijgenote Leona Detiège zou passen in het hoofdstuk dat begint met ‘ik werk op de grote markt’. Het recept van het boek is echter: elke Antwerpenaar leest graag hoe goed en tof het in Antwerpen is, en dan vermijd je best delicate onderwerpen. En dat doet Patrick Janssens dan ook. Hij zaait breed als would-be ‘burgemeester boven de partijen ‘ en geeft een pluim links en rechts: je vindt er zowel een complimentje voor de stripmuur van Johan Bijttebier (Groen) en een sympathieke foto van Leo Delwaide (VLD) in de Gaarkeuken. De naam van Filip Dewinter gaat hem niet zo goed af, want die moet in het bijgevoegde errata in de juiste schrijfwijze gecorrigeerd worden. En ja, nu begrijp ik de titel.’ Ik ben van Antwerpen’, en hij... de kwade jongen niet. De aanvoerder van de oppositie woont trouwens in het sjieke Ekeren, terwijl hij uit het volkse Kiel komt aldus de exegese van de journalist-spreekbuis in een nationale krant. Goed gezien. Bovendien blijft zo een boek met zoveel nuttige adressen lang op de leestafel liggen. Het boeiendst vond ik het eerste gedeelte waarin Patrick Janssens het heeft over architectuur en stedenbouw. Je voelt er dat het onderwerp hem interesseert, en – zowaar - hij durft stelling te nemen : welke constructies waren beter niet gebouwd. Dat je er een aantal moet afbreken, zover krijg je onze voorzichtige burgemeester niet. Hier wringt dan ook het schoentje in het hele verhaal. We weten nu wel waar Patrick Janssens zijn jeugd heeft doorgebracht, waar hij graag een pint gaat drinken, waar hij niet durft binnenstappen, maar we weten nog altijd niet waar hij heen wil met deze stad. Hoe geraken we van de 17 % werkloosheid af, hoe maken we de administratie slanker en slagkrachtiger, hoe gaan we Antwerpen beter verkopen in Brussel, Europa en de wereld. Prima dat een burgemeester zijn stad bezingt in een publicatie van 190 bladzijden met het uitzicht van een glanzend magazine. Maar dan verwacht je op de cover een subliem beeld van de stad te vinden. Maar neen, daar staat Patrick Janssens in t-shirt met natte blote voeten op St. Anneke met een grijs en wazig Antwerpen in de achtergrond. Wil de ware Patrick Janssens eens opstaan : is het de voormalige SP.a voorzitter, die na Brussel nu ook in Antwerpen in opdracht de boel moet opkuisen , is het de reclameman die wars is van negatieve beeldvorming en een tentoonstelling over asielzoekers in de Permeke-bibliotheek verbiedt, of de manager die professioneel zijn ‘team’ collegeleden aanstuurt en één na één in de schaduw zet. Sympathiek is hij wel met zijn voeten in het water op de cover en al die quotes in’t Antwaarps, maar van een echte burgemeester mag je meer verwachten : visie en ambitie. Toch proficiat en bedankt, Patrick Janssens, want elk boek dat de sterke kanten van Antwerpen belicht is goed voor Antwerpen. Christian Leysen September 2005 |