Studiecentrum Antwerpen overMorgen - antwerpen@overmorgen.be - "voor wie ambitie heeft voor de stad"

> overmorgen.be < - > studiecentrum < - > teksten < - >
 <

> Titel < Less is more

> Datum < 23 januari 2002

> Auteur < Christian Leysen en Christian Floru

Het kerntakendebat in Antwerpen :  met minder bereik je  meer ! 

2002 staat in het teken staan van het ‘kerntakendebat’. Voor de burger wordt deze politieke term best vertaald door de volgende twee belangrijke vragen. Welk onderdeel van de overheid krijgt welke taak toebedeeld ? En, zo mogelijk nog crucialer, welke taken moet de overheid dan wel op zich nemen? 

Het is een geschikt moment om te bezinnen over de werking van het overheidsapparaat in Vlaanderen en meer bepaald in zijn grootste stad, Antwerpen.

Een goed functionerende overheid is trouwens een voorafgaande voorwaarde om een beleid te voeren. Een inefficiënt en ondoorzichtig overheidsapparaat leidt er immers toe dat de je ‘geleefd’ wordt door een zich steeds verder uitdijende administratie. De Antwerpse situatie is in dit kader bijzonder relevant. Een lokale administratie van 8000 personen (bijna zo groot als de hele administratie van de Vlaamse Gemeenschap!)  stelt er daar nog eens 10.000 medewerkers bijkomend te werk in het OCMW en zijn ziekenhuizen.

De recente studie van Prof. Wim Moesen legt de vinger op de wonde. “Steden lijken waterhoofden te hebben”, titelde een  krant. De 13 grootste steden van Vlaanderen geven gemiddeld 60% meer uit per inwoner dan de gemiddelde Vlaamse gemeente. De centrum- en pechstrookfunctie verklaart – aldus de studie van Moesen – maar een gedeelte van de meerkosten. Schaalvergroting leidt vaak tot routinematige procedures en een slecht personeelsbeleid. Grote administraties zijn vaak bureaucratisch en creëren bijkomende informatie- en controlemechanismen met weinig toegevoegde waarde.

Antwerpenaren zullen – ondanks de inspanningen geleverd tijdens de voorgaande legislatuur en de gemotiveerde inzet van een nieuwe generatie ambtenaren – zich nog steeds terugvinden in deze ontnuchterende analyse. De vaststelling van Moesen dat veel ‘krijgen’ van de overheid niet leidt tot een efficiënte aanwending ervan wordt trouwens herhaaldelijk aan de kaak gesteld in de Antwerpse gemeenteraad naar aanleiding van ‘spoedaankopen’ van immobiliën om overheidsgeld te kunnen binnenrijven. 

Het kerntakendebat wordt een stijloefening indien het niet volgende drie onderwerpen durft aansnijden: de noodzaak voor specifieke beheersstructuren voor grote steden, de behoefte aan homogene bevoegdheidspaketten en de beperking van de bestuurslagen, en tot slot een open debat over het ontstaan van stadsgewesten. 

1.      Zorg in het nieuwe gemeentedecreet voor een specifieke beheersstructuur voor de grote stedelijke entiteiten. 

Grote en kleine organisaties vereisen verschillende managementstructuren. Grote ondernemingen worden anders geleid en bestuurd dan KMO’s. Centrumsteden met meer dan 50.000 inwoners hebben andere uitdagingen en vereisen een andere bestuursaanpak dan kleine landelijke gemeenten. Toch zitten beide vandaag in hetzelfde administratief keurslijf. 

Het is niet de taak van een Antwerpse gemeenteraad om als ‘volksjury’ disciplinaire maatregelen te treffen ten aanzien van de medewerkers  van de brandweernoodcentrale, die 40 minuten hun dienst onbemand lieten. Deze bevoegdheid hoort gewoonweg thuis bij de korpsoverste. 

Na de overdracht van de gemeentewetgeving naar de gewesten, is het de taak van de Vlaamse Gemeenschap een eigentijds organisatorisch kader te scheppen dat beantwoord aan de behoeften van de 21ste eeuw. De  specifieke behoeften van grotere stedelijke entiteiten moet daarom een afzonderlijke invulling krijgen.

2.      Minder bevoegdheden moet leiden tot meer macht. 

'Less is more' is het principe waarmee de architect Mies van der Rohe in het begin van de 20ste eeuw pittig formuleerde dat je complexe opdrachten best met behulp van eenvoudige vormen oplost.. 

De complexiteit van de huidige overheidsstructuren heeft tot gevolg dat de burger het bos tussen de bomen niet meer ziet. Met een Europees, federaal, regionaal (de gewesten en gemeenschappen), provinciaal en lokaal  (steden en districten) bestuursniveau,  blijft zelfs de politiek geschoolde in ons land het antwoord schuldig over wie bevoegd is voor wat.

Efficiënt  bestuur vereist duidelijke taakverdeling. Minder beleidsniveaus , en een herkenbaar bevoegdheidsprofiel : dit is de uitdaging !

Een eerste stap is  het creëren van homogene en quasi-exclusieve bevoegdheidspakketten op elk niveau. De verdere verdieping van de districtswerking te Antwerpen moet dus niet leiden tot meer (gedeelde) bevoegdheden, maar beter tot minder maar complete bevoegdheidsoverdrachten.

3.      Bereid het terrein voor op het ontstaan van stadsgewesten. 

De gerechtvaardigde meerkost van centrum-steden kan gerecupereerd worden door een herverdelingsmechanisme via de hogere overheid (wat thans het geval is via het gemeentefonds), via vrijwillige samenwerking tussen steden en hun randgemeenten, of via de verdeling van de aanvullende inkomstenbelasting tussen woon- en werkgemeente. 

Elk van deze werkwijzen onderstreept  het feit dat de economische en fiscale band van centrum-steden en hun rand steeds relevanter wordt en het fenomeen ‘stadsgewesten’ in de praktijk al een realiteit is. Het oprichten van het stadsgewest ligt derhalve voor de hand.  

Het enthousiasme van randgemeenten om zich aan te sluiten bij een Antwerps stadsgewest is uitermate beperkt gezien de weinig rooskleurige reputatie van de stad : Antwerpen wordt nog  steeds gepercipieerd als  weinig efficiënt en kostenbewust, én behept met een niet-gerechtvaardigde arrogantie. 

De oprichting van stadsgewesten is wenselijk, ook voor Antwerpen. Maar ze is er slechts mogelijk  mits volgende voorafgaandelijke ingrepen : 

-          Antwerpen moet zijn torenhoge schuldenberg actief afbouwen tot een aanvaardbare schuldenlast gerechtvaardigd door goed beheer. 

-          Antwerpen moet komaf maken met zijn ‘dikkenek’ mentaliteit en geloofwaardig worden in het dialoog met zijn randgemeenten om op basis van een ‘win-win’-situatie een nieuw partneriaat aan te gaan 

-          Antwerpen moet zijn administratie afslanken door het verzelfstandigen, respectievelijk overdragen van niet kerntaken. 

Het ontstaan van een stadsgewest met duidelijk omlijnde maar beperkte bevoegdheden kan en mag niet tot alweer een nieuw beleidsniveau leiden.   De taken van de huidige fusiegemeente Antwerpen  kunnen verdeeld tussen stadsgewest en zelfstandige districten. En als je de oprichting van het stadsgewest laat samenvallen met de hertekening van de provincie als zuiver uitvoerend orgaan voor de Vlaamse en federale overheid, bereik je ook hier meer (duidelijkheid) met minder (bestuurslagen).  Het stadsgewest zou verschillende grootstedelijke districten en gemeenten, alle op gelijke voet, overkoepelen. De indeling moet geen weerspiegeling zijn van de vroegere gemeenten, maar gebeurt  best op basis van een nuchtere evaluatie van de inmiddels gegroeide geografische en maatschappelijke entiteiten

Dit is vanzelfsprekend niet de opdracht voor één legislatuur, veeleer voor één decennium. 

Tegen 2012 zou een gedurfde hertekening van de politieke organisatiestructuur Antwerpen doen uitgroeien van dimensie van de ‘provinciestad op Europees niveau’ naar een krachtig stadsgewest, zijn wereldhaven waardig. Geen Groot-Antwerpen, maar een Nieuw-Antwerpen: dat is de kern van het kerntakendebat in de Metropool.

Christian Leysen en Christian Floru . Zij zijn resp. gemeenteraadslid en districtsraadslid te Antwerpen voor de VLD. 

Aanverwante links :

Er is geen dossier beschikbaar